Didactische aanpassingen bij taal: woordspin

Hoe maak je een goede alternatieve taalopdracht?

Met een woordspin of mindmap leren leerlingen hun kennis over een woord of een thema visueel in een woordspin te zetten. En dat niet alleen. Ze leren ook te associëren en krijgen een grotere woordenschat. Hoe zorg je ervoor dat een blinde of zeer slechtziende leerling evenveel profijt kan hebben met een alternatieve taalopdracht? Daarvoor heeft Dedicon een oplossing bedacht: didactische aanpassingen. Wij geven een voorbeeld.

Voorbeeld

Invullen van een woordspin

opdracht in tekst om een woordspin te maken (met symbool ervoor)

Didactische aanpassing

Opdracht 7 (haasopdracht)
Maak een woordspin met het woord puinhoop.
Schrijf zes woorden op.

Puinhoop: 
-[ ]

-[ ]

-[ ]

-[ ]

-[ ]

-[ ]

De vormgeving van de woordspin gaat voor de blinde leerling verloren. Door de woorden als lijst onder het hoofdwoord te zetten, blijft de focus op de relatie tussen de woorden. We handhaven de term ‘woordspin’, omdat deze tijdens de klassikale bespreking of het samenwerken met medeleerlingen vaak gebruikt zal worden. Het is aan de leerkracht om uit te leggen wat het inhoudt.

[Bron afbeelding: Taalverhaal.nu, Taal, Werkschrift 4A, ThiemeMeulenhoff]

 

terug naar het overzicht >>

We helpen je graag verder!

De klantenservice van Dedicon

Heb je een vraag over aangepaste studieboeken met didactische aanpassingen? Onze klantenservice helpt je graag verder! T: 0486 486 486

Publicatiedatum: 24 september 2019 Laatste update: 6 maanden geleden